Rond vluchtelingen en migratie circuleren veel hardnekkige misverstanden. Hieronder zetten we enkele veelgehoorde uitspraken op een rij — met context, recente cijfers en bronnen.
Deze versie gebruikt vooral de meest recente publiek beschikbare cijfers voor België en Vlaanderen (2024–2025), en voor internationale context recente UNHCR-cijfers.
Eind 2024 waren wereldwijd 123,2 miljoen mensen gedwongen op de vlucht. De meeste mensen op de vlucht blijven in eigen land. Wie wel een grens oversteekt, zoekt meestal bescherming dicht bij huis.
Volgens UNHCR leeft 66% van de vluchtelingen en andere mensen die internationale bescherming nodig hebben in een buurland van hun land van herkomst. Daarnaast wordt 71% opgevangen in lage- en middeninkomenslanden.
Volgens recente UNHCR-cijfers behoren onder meer deze landen tot de grootste opvanglanden:
- Colombia (2,8 miljoen)
- Duitsland (2,7 miljoen)
- Turkije (2,7 miljoen)
- Iran (2,5 miljoen)
- Oeganda (1,9 miljoen)
Bronnen: Global Trends Report 2024 – UNHCR en Refugee Data Finder – UNHCR
In 2025 dienden 34.439 personen een verzoek om internationale bescherming in bij de Dienst Vreemdelingenzaken. Dat komt neer op gemiddeld ongeveer 2.870 per maand.
Dat ligt dus duidelijk onder 5.000 per maand. In 2024 waren er 39.615 verzoekers, gemiddeld 3.301 per maand.
In 2025 waren de belangrijkste herkomstlanden Afghanistan, Palestina, Eritrea, de Democratische Republiek Congo en Turkije.
Volgens recente UNHCR-cijfers leeft ongeveer 66% van de vluchtelingen en andere mensen die internationale bescherming nodig hebben in een buurland van hun land van herkomst.
Dat betekent dat de meeste mensen die hun land ontvluchten in hun eigen regio blijven. Slechts een kleiner deel reist verder naar andere continenten zoals Europa.
In de praktijk duurt een asielprocedure in België vaak veel langer dan 100 dagen. Door het grote aantal dossiers en de beperkte capaciteit kan een beslissing maanden tot meer dan een jaar duren.
Eind december 2025 bedroeg de totale werklast van het CGVS 24.406 dossiers, goed voor 31.085 personen. Dat helpt verklaren waarom procedures vaak lang aanslepen.
Begin 2025 vormden Nederlanders nog steeds de grootste buitenlandse nationaliteitsgroep in Vlaanderen.
Het ging om bijna 155.000 personen, goed voor afgerond 21% van alle personen met een buitenlandse nationaliteit. Daarna volgen Roemenen, Polen en Oekraïners.
Mensen die internationale bescherming krijgen, hebben niet automatisch voorrang op andere kandidaten voor een sociale woning. Net zoals andere huishoudens moeten zij zich inschrijven en gelden de algemene toewijzingsregels.
De toewijzing van sociale woningen gebeurt volgens Vlaamse regels en lokale toewijzingskaders, niet automatisch op basis van het feit dat iemand op de vlucht is.
Bronnen: Toewijzen | Vlaanderen.be en Toewijzing volgens vier pijlers | Vlaanderen.be
Volgens onderzoek van demografen van de Vrije Universiteit Brussel is ongeveer twee derde van de mensen zonder verblijfspapieren in België EU-burger.
Dat gaat vaak om mensen die in principe vrij binnen de Europese Unie kunnen reizen, maar die niet meer voldoen aan de voorwaarden om hier te verblijven of hun administratieve situatie niet in orde hebben gebracht.
Voor Brussel ligt dat anders: daar is een groter aandeel afkomstig uit landen buiten de Europese Unie.
Bron: VUB-demografen zoeken de onbekende inwoners van België
In 2025 waren de belangrijkste herkomstlanden van mensen die in België internationale bescherming aanvroegen Afghanistan, Palestina, Eritrea, de Democratische Republiek Congo en Turkije.
Afghanen vormden in 2025 de grootste groep verzoekers om internationale bescherming in België.
- Afghanistan
- Palestina
- Eritrea
- Democratische Republiek Congo
- Turkije
Migratie en bescherming vragen om correcte informatie, niet om slogans.